Brief regering; Overeenkomst tot oprichting van de Square Kilometre Array Observatory; Rome, 12 maart 2019 - Overeenkomst tot oprichting van de Square Kilometre Array Observatory; Rome, 12 maart 2019 - Parlementaire monitor

Parlementaire monitor
Donderdag 22 augustus 2019
kalender

1.

Tekst

Staten-Generaal

2.

1/2

Vergaderjaar 2018-2019

35 221

A/ nr. 1

Ter griffie van de Eerste en van de Tweede Kamer der Staten-Generaal ontvangen op 11 juni 2019.

De wens dat het verdrag aan de uitdrukkelijke goedkeuring van de Staten-Generaal wordt onderworpen kan door of namens ťťn van de Kamers of door ten minste vijftien leden van de Eerste Kamer dan wel dertig leden van de Tweede Kamer te kennen worden gegeven uiterlijk op 11 juli 2019.

Het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State wordt niet openbaar gemaakt, omdat het zonder meer instemmend luidt (artikel 26, zesde lid jo vijfde lid, van de Wet op de Raad van State).

kst-35221-1 ISSN 0921 - 7371 's-Gravenhage 2019

Overeenkomst tot oprichting van de Square Kilometre Array Observatory; Rome, 12 maart 2019

BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitters van de Eerste en van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 11 juni 2019

Overeenkomstig het bepaalde in artikel 2, eerste lid, en artikel 5, eerste lid, van de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen, de Raad van State gehoord, heb ik de eer u hierbij ter stilzwijgende goedkeuring over te leggen de op 12 maart 2019 te Rome tot stand gekomen Overeenkomst tot oprichting van de Square Kilometre Array Observatory (Trb. 2019, nrs. 49 en 89).

Een toelichtende nota bij de Overeenkomst treft u eveneens hierbij aan.

De goedkeuring wordt voor het Europese deel van Nederland gevraagd.

De Minister van Buitenlandse Zaken,

S.A. Blok

TOELICHTENDE NOTA

  • 1. 
    Inleiding

Nederland behoort tot de wereldtop op het wetenschappelijke gebied van de radiosterrenkunde. Met de radiotelescopen Dwingeloo, Westerbork en LOFAR heeft Nederland een prominente plek verworven in de geschiedenis van de radiosterrenkunde. De drie radiotelescopen hebben Nederland een grote technische expertise en een actieve en excellente wetenschappelijke gemeenschap opgeleverd. Hiermee heeft Nederland een flinke rol kunnen spelen in de ontwikkeling en gedachtenvorming van de Square Kilometre Array (SKA), waarvan de eerste plannen ontstonden in de jaren '90. Zo wordt de LOFAR-telescoop gezien als een voorloper van SKA. Het NWO-instituut ASTRON, het nationale kennisinstituut op het gebied van radiosterrenkunde, is sinds het begin betrokken bij de ontwikkeling van SKA en speelt een leidende rol in het ontwerp ervan.

SKA zal naar verwachting baanbrekende inzichten geven omtrent het ontstaan en de evolutie van ons universum.

Het SKA-project wordt op dit moment geleid door de Square Kilometre Array Organisation, opgericht in 2011 en gevestigd nabij Manchester, Groot-BrittanniŽ. Besloten is om de SKA-telescoop in twee landen te bouwen: Zuid-Afrika en AustraliŽ. Voor de constructie en operationele fase is door de deelnemende landen (AustraliŽ, Zuid-Afrika, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Spanje, Zweden, China, India, ItaliŽ, Nieuw-Zeeland, Portugal, Nederland en Canada) gekozen om bij verdrag een intergouvernementele organisatie op te richten, vergelijkbaar met bestaande organisaties in de natuurkunde en sterrenkunde zoals de Europese Organisatie voor kernfysisch onderzoek (CERN) en de Europese Organisatie voor astronomisch onderzoek op het zuidelijk halfrond (ESO).

De deelnemende landen zijn in 2015 onder leiding van het Italiaanse Ministerie van Buitenlandse Zaken gestart met de onderhandelingen over de oprichting van de Square Kilometre Array Observatory (SKAO). Deze onderhandelingen zijn begin dit jaar afgerond. Het onderhandelingsresultaat wordt op dit moment door de afzonderlijke landen verder geleid in de nationale procedures. Het verdrag, en daarmee de oprichting van SKAO, zal in werking treden nadat de drie gastlanden (Verenigd Koninkrijk, AustraliŽ en Zuid-Afrika) het verdrag hebben geratificeerd, plus twee andere staten. Zoals het er nu naar uit ziet is het waarschijnlijk dat deze twee niet-gastlanden Nederland en Portugal zullen zijn. Het is daarmee mogelijk dat het verdrag begin 2020 in werking zal treden.

Met de deelname aan SKAO geeft Nederland invulling aan het voornemen uit het Regeerakkoord om in te zetten op grootschalige onderzoekinfrastructuur1.

  • 2. 
    Belang van het verdrag

De Nederlandse deelname aan SKAO is van belang omdat het de Nederlandse sterrenkunde toegang geeft tot een wetenschappelijke faciliteit van wereldformaat. Het zal een enorme impuls betekenen voor de Nederlandse wetenschap, waarbij circa 450 Nederlandse wetenschappers gebruik zullen maken van de resultaten die met de telescopen verkregen worden. De ervaring met de LOFAR-telescoop in Drenthe leert dat de toegang tot een dergelijk krachtig nieuw instrument een grote aanzuigende werking heeft op internationale toponderzoekers, maar ook op een nieuwe generatie studenten. Daarmee biedt SKAO een aanzienlijk potentieel voor talentonwikkeling.

Deelname aan SKAO geeft ook een impuls aan het hightech bedrijfsleven. Het is aantrekkelijk voor bedrijven om samen met ASTRON en de technische universiteiten te investeren in bijvoorbeeld geavanceerde fotonicatoepassingen. Daarmee wordt voortgebouwd op een lange traditie van technologieontwikkeling en kennistransfer vanuit de sterrenkunde en de LOFAR-telescoop in het bijzonder. Het gaat daarbij om de volledige beroepskolom, van academisch en toepassingsgericht onderzoek tot productie en logistiek. De impact die deelname van Nederland aan SKAO kan hebben op het gebied van innovatie, valorisatie, menselijk kapitaal en arbeidsmarkt is beschreven in een onafhankelijke studie uitgevoerd door SEO en de Technopolis Groep (ęAstronomische WelvaartĽ, 2016).

Een belangrijk onderdeel van de valorisatie van SKAO wordt gevormd door het Science Data Centre dat ASTRON samen met private en publieke partijen inricht in Noord-Nederland. Dit Science Data Centre beslaat de hele keten van fysieke infrastructuur, datamanagement en data-analyse. Op al deze schakels worden publiek-private samenwerkingen gevormd, waarmee het bedrijfsleven in de slipstream van grote wetenschappelijke datastromen infrastructuur en applicaties kan ontwikkelen voor markt en samenleving. Het Science Data Centre richt zich eerst vooral op LOFAR en groeit dan op natuurlijke wijze door richting SKAO. Dit betekent dat ook toepassingen rond bijvoorbeeld Space Weather Monitoring binnen het Science Data Centre kunnen worden ingericht.

  • 3. 
    Gevolgen voor de begroting

Lidmaatschap van SKAO brengt voor het Koninkrijk der Nederlanden operationele- en contributiekosten met zich mee, die door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) zullen worden gedragen. De beschikbare Regeerakkoord-middelen voor ęfaciliteiten van wereldformaatĽ, waarover de Tweede Kamer d.d. 9 maart 2018 door de Minister van OCW is geÔnformeerd, zullen hiervoor door NWO volledig voor SKAO worden ingezet2. NWO heeft hiervoor een dekkend financieringsplan ingediend, waarin een 3%-deelname van Nederland aan SKAO voor 2020-2029 mogelijk zal zijn. Door partij te worden bij het verdrag committeert Nederland zich aan SKAO voor tenminste 10 jaar, waarna er een mogelijkheid bestaat om het verdrag op te zeggen en uit de organisatie te stappen.

  • 4. 
    Artikelsgewijze toelichting bij het verdrag

Verdragstekst

Artikelen 1 t/m 6: Beginselen van SKAO

De doelstelling van SKAO is opgenomen in artikel 3. SKAO zal wereldwijde samenwerking op het gebied van radiosterrenkunde faciliteren en promoten, gericht op het leveren van transformatieve wetenschap, met als eerste doel de implementatie van het SKA-project. Het hoofdkwartier van SKAO bevindt zich in het VK. Als eerste fase van het SKA-project zal de SKA-telescoop in AustraliŽ en Zuid-Afrika gebouwd gaan worden, mede vanwege de beschikbaarheid van afgelegen storingsvrij gebied. Als gastlanden zullen het Verenigd Koninkrijk, Zuid-Afrika en AustraliŽ separate zetelverdragen sluiten met SKAO waarin bijvoorbeeld nader wordt ingegaan op de invulling van de privileges en immuniteiten die aldaar zullen gelden voor de SKAO en voor de personen die werkzaam zullen zijn op de SKAO-locaties. Deze verdragen zullen op een later moment door de Raad op basis van unanimiteit worden vastgesteld. Het Protocol inzake privileges en immuniteiten van SKAO, dat als bijlage bij het verdrag is gevoegd, vormt hiervoor de minimumstandaard (zie ook paragraaf 5 van deze toelichtende nota).

Over de volgende fasen van het SKA-project zal door de Raad worden besloten. Deelname aan een volgende fase is optioneel. Het FinanciŽle Protocol van SKAO ziet op de financiŽle bijdrage die door de leden van de organisatie geleverd zal worden. Dit Protocol is eveneens als bijlage bij het verdrag gevoegd (zie ook paragraaf 5 van deze toelichtende nota).

Het lidmaatschap van SKAO staat open voor staten en voor internationale organisaties. Het is ook mogelijk om geassocieerd lid te worden. De specifieke invulling van de rechten en de plichten van een geassocieerd lidmaatschap zal door de Raad met unanimiteit worden bepaald. Ook een geassocieerd lidmaatschap staat open voor staten en internationale organisaties.

Artikelen 7 t/m 9: Organen en organisatie

Het bestuur van SKAO bestaat uit een Raad, de Directeur-Generaal en een stafbureau voor ondersteuning. De Raad is het hoogste besluitvormende orgaan in de SKAO. Ieder lid van SKAO heeft ťťn stem in de Raad. Een lid kan in de Raad door maximaal twee vertegenwoordigers worden vertegenwoordigd, waarbij de mogelijkheid bestaat een vertegenwoordi-gingsstoel aan een wetenschapper toe te wijzen. Binnen andere intergouvernementele organisaties, zoals ESO, bestaat daarmee goede ervaring. De voorzitter van de Raad zal in principe uit haar midden gekozen worden voor een termijn van 2 jaar. Ook bestaat echter de mogelijkheid een neutrale externe voorzitter aan te wijzen. De Raad komt tenminste een keer per jaar bijeen om de werkzaamheden van de SKAO te bespreken.

De Directeur-Generaal wordt benoemd door de Raad en is verantwoordelijk voor het dagelijks bestuur van SKAO en vertegenwoordigt de organisatie. De Directeur-Generaal is daarbij ook verantwoordelijk voor de personeelsinvulling en het functioneren van haar/zijn wetenschappelijke, technische en administratieve staf.

Artikel 10 betreft de financiŽle aangelegenheden van de organisatie. De leden en geassocieerde leden zullen bijdragen in overeenstemming met door de Raad goedgekeurde financieringsschema's. Het artikel verwijst voor de financiŽle inrichting naar het FinanciŽle Protocol.

Artikel 11: Intellectueel eigendom

Voor de werken (wetenschappelijk en bedrijfsmatig) van, bij en door SKAO zal een regeling gelden, waarin de omgang met intellectueel eigendom wordt vastgelegd. In deze regeling zal bijvoorbeeld ook worden ingegaan op innovaties die voortkomen uit de bouw van de SKA-telescoop of het data-management en de data-science. De specifieke bepalingen van deze regeling zullen op een later moment worden vastgesteld door de Raad. Dit gebeurt op basis van unanimiteit.

Artikel 12: Inkoop

Teneinde de inkoop van diensten, goederen en werken ten behoeve van de effectieve uitvoering van het SKA-project succesvol te laten verlopen zal er een regeling worden vastgesteld waarin de voorschriften over inkoop worden vastgelegd. De specifieke bepalingen van deze regeling zullen op een later moment worden vastgesteld door de Raad op basis van unanimiteit. Belangrijke principes van deze regeling zullen zijn transparantie, concurrentie, billijkheid en een goede verhouding tussen de financiŽle contributie van een lid en de (bedrijfsmatige) opbrengsten van datzelfde lid.

Artikel 13: Toegang tot de telescoop

De SKA-telescoop zal wetenschappers in staat stellen om baanbrekend onderzoek te verrichten. Niet iedereen kan echter tegelijk van de SKA-telescoop gebruik maken. De exacte bepalingen over de toegang en daarmee de tijd die onderzoekers hebben om waarnemingen te doen met behulp van de telescoop, zullen in een aparte regeling worden vastgelegd. De specifieke bepalingen van deze regeling zullen op een later moment worden vastgesteld door de Raad op basis van unanimiteit. Een leidend principe van deze regeling zal zijn dat er een proportionele verhouding is tussen het financiŽle aandeel van een (geassocieerd) lid in het SKAO-project en de tijd die het (geassocieerd) lid krijgt toegewezen om gebruik te maken van de SKA-telescoop.

Artikel 14: Geschillenbeslechting

Nederland hecht aan vreedzame geschillenbeslechting. Het verdrag voorziet voor geschillen tussen leden van SKAO, of tussen leden en SKAO, betreffende de interpretatie of toepassing van dit verdrag, in onderhandeling. Mocht dit niet tot een oplossing leiden, dan kunnen geschillen worden voorgelegd aan het Permanent Hof van Arbitrage in Den Haag, tenzij de partijen bij het geschil voor een andere vorm van geschillenbeslechting kiezen.

Artikelen 16 t/m 18 Opzegging, beŽindiging en nalatigheid

Elk lid heeft kan vanaf 10 jaar na het in werking treden van dit verdrag SKAO verlaten, door een kennisgeving aan de depositaris, mits het lid aan zijn verplichtingen heeft voldaan. Het lid kan niet aansprakelijk worden gehouden voor kosten als gevolg van beslissingen van SKAO na deze kennisgeving. Het is de intentie van Nederland om ook na afloop van deze periode van 10 jaar aan SKAO verbonden te blijven, aangezien bij de bouw van de SKA-telescoop een operationele fase van zeker 50 jaar voorzien is.

In het geval een lid zijn (financiŽle) verplichtingen niet nakomt kan door de Raad zijn stemrecht worden geschorst. In een ultieme situatie kunnen de overige leden van de Raad besluiten dit nalatige lid uit SKAO te zetten, door het lidmaatschap te beŽindigen.

Artikelen 19 en 20 Slotbepalingen

De staten die hebben deelgenomen aan de onderhandelingen kunnen partij worden bij het verdrag en de in paragraaf 5 toegelichte protocollen. Ook staten die op een later moment willen deelnemen, zoals Spanje en Frankrijk, kunnen, mits de Raad dit goedkeurt, toetreden tot dit verdrag en op die manier lid worden van SKAO. Dit verdrag zal in werking treden 30 dagen nadat de drie gastlanden (VK, AustraliŽ en Zuid-Afrika), plus twee andere staten, het verdrag hebben geratificeerd.

  • 5. 
    Bijlagen

Bijlagen bij het verdrag zijn het Protocol inzake de privileges en immuniteiten van de SKAO en het FinanciŽle Protocol van de SKAO. De Protocollen vormen een integrerend onderdeel van het verdrag en zijn aan te merken als zijnde van uitvoerende aard. Verdragen tot wijziging van de Bijlagen behoeven ingevolge artikel 7, onderdeel f van de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen geen parlementaire goedkeuring, tenzij de Staten-Generaal zich thans het recht tot goedkeuring terzake voorbehouden.

Bijlage A Protocol aangaande Privileges en Immuniteiten

In het Protocol inzake de privileges en immuniteiten van de SKAO verlenen de verdragspartijen privileges en immuniteiten aan SKAO om het ongehinderd en onafhankelijk functioneren van de organisatie te verzekeren en de onafhankelijkheid van de betrokken personen te waarborgen.

Artikel 2 Immuniteit van rechtsmacht

SKAO heeft binnen de uitvoering van haar officiŽle activiteiten, zoals gedefinieerd in de missie, immuniteit van rechtsmacht. Daarop geldt wel een aantal uitzonderingen, zoals bijvoorbeeld de uitzondering onder sub b, op grond waarvan civielrechtelijke immuniteit niet geldt voor aansprakelijkheid voor schade toegebracht aan derden bij een verkeersongeluk.

Artikel 3 Onschendbaarheid

Het perceel, het gebouw en de bouwwerken van SKAO zijn onschendbaar. Dit brengt mee dat een persoon het SKAO-terrein enkel kan betreden met toestemming van de Directeur-Generaal. In geval van brand of andere noodsituaties waarbij onmiddellijk ingrijpen gewenst is, hoeft die toestemming niet te worden afgewacht. Ook de archieven van SKAO zijn onschendbaar.

SKAO zal het terrein niet gebruiken voor onrechtmatige activiteiten of als schuilplaats voor personen die in een SKAO-lidstaat vervolgd worden.

Artikelen 4 en 5 Vrijstelling van belastingen

SKAO is binnen de reikwijdte van haar officiŽle activiteiten vrijgesteld van directe en bepaalde indirecte belastingen, zoals BTW. Dit betreft de gebruikelijke vrijstellingen die ook gelden voor gelijksoortige internationale organisaties waar Nederland lid van is.

Artikelen 7, 8 en 9 Privileges en immuniteiten van personen

Onder bepaalde voorwaarden, overeenkomstig de praktijk van gelijksoortige internationale organisaties waar Nederland lid van is, komt de Directeur-Generaal, het personeel en vertegenwoordigers van SKAO-leden een aantal in deze artikelen benoemde privileges en immuniteiten toe. Het gaat daarbij, bijvoorbeeld, om functionele immuniteit, onschendbaar van officiŽle stukken en fiscale privileges met betrekking tot het salaris en importvrijstellingen. Daarnaast betreft het de gebruikelijke vrijstellingen van immigratieregelingen of de verplichting om publieke diensten uit te voeren. Deze privileges en immuniteiten gelden in principe niet ten opzichte van een lid van SKAO en zijn eigen onderdanen en de aard en omvang van privileges en immuniteiten zijn afhankelijk van de functie van de betrokken persoon. Ook de officiŽle stukken van experts, die voor een bepaalde periode werkzaamheden voor SKAO verrichten, genieten onschendbaarheid.

Artikel 11 Doel en afstand van privileges en immuniteiten

De bovengenoemde privileges en immuniteiten zijn toegekend teneinde een efficiŽnt en ongehinderd functioneren van SKAO te verzekeren en de onafhankelijkheid van de organisatie en haar medewerkers te waarborgen. Indien het belang van SKAO zich hier niet tegen verzet, hebben de organen van SKAO en de lidstaten de plicht om afstand te doen van de betreffende immuniteiten (waiver), om de rechtsgang niet te belemmeren.

Bijlage B Financieel Protocol

Artikel 2 Financieel management

SKAO verplicht zich in dit artikel om een ęgezondĽ financieel management te voeren op basis van efficiŽntie, transparantie, verantwoording in haar planning en beheer van financiŽle middelen. Zo zal pas met de bouw van de SKA-telescoop begonnen worden en contracten daartoe worden gegund, wanneer daar een sluitende begroting aan ten grondslag ligt.

Artikel 3 Financieringsschema

Elk lid en elk geassocieerd lid draagt bij aan SKAO in overeenstemming met een door de Raad unaniem vastgesteld financieringsschema. In dit schema wordt vastgesteld welke betalingen de verschillende leden zullen doen en op welk moment. Een land kan niet gedwongen worden tot het leveren van een hogere bijdrage dan waarmee hij zelf heeft ingestemd. De betalingen zijn hoofdzakelijk bestemd voor de constructie en de operationele kosten van de SKA-telescoop.

Artikel 4 Wijzigingen in het financieringsschema

De Raad heeft de mogelijkheid om het contributie schema te herzien en te amenderen. Ook kunnen nieuwe leden of geassocieerde leden worden toegevoegd. Dit alles gebeurt enkel op basis van een unaniem besluit.

Artikel 6 Goedkeuring van budget

Voor de goedkeuring van het budget door de Raad is een dubbele meerderheid vereist, waarbij geldt dat naast een 2/3e meerderheid op basis van gewogen stemmen ook een 2/3e meerderheid op basis van het aantal aanwezige en stemgerechtigde leden is vereist. De gewogen stemming houdt in dat een lid dat financieel meer bijdraagt, ook een evenredig grotere stem heeft.

Artikel 8 Leningen en schulden

SKAO is in de positie om, binnen de daarover gemaakte afspraken, schulden of leningen aan te gaan. Beslissingen hieromtrent worden genomen door de Raad met unanimiteit.

  • 6. 
    Een ieder verbindende bepalingen

Naar het oordeel van de regering bevat het Verdrag geen eenieder verbindende bepalingen in de zin van artikel 93 en 94 Grondwet die aan rechtssubjecten rechtstreeks rechten toekennen of plichten opleggen. In het Protocol inzake privileges en immuniteiten van SKAO zijn in enkele bepalingen opgenomen waaraan door de rechter rechtstreekse werking toegekend zou kunnen worden. Het gaat hierbij om de artikelen 7 t/m 11 van dit Protocol.

  • 7. 
    Koninkrijkspositie

Het verdrag zal voor wat betreft het Koninkrijk der Nederlanden alleen voor het Europese deel van Nederland gelden. Zoals is toegelicht in de inleiding van deze Toelichtende Nota bevinden de faciliteiten en de expertise op het gebied van radiosterrenkunde zich in Nederland. Het Nederlandse instituut voor radioastronomie ASTRON, speelt hierbij een belangrijke rol.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

I.K. van Engelshoven

De Minister van Buitenlandse Zaken,

S.A. Blok

Staten-Generaal, vergaderjaar 2018-2019, 35 221, nr. 1 8

1

Regeerakkoord ęVertrouwen in de toekomstĽ 2017-2012, pag. 12 (bijlage bij Kamerstuk 34 700, nr. 34).

2

Brief van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap aan de oorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, met Kamerstuk 29 338, nr. 158.


 
 

3.

Meer informatie

 
 

4.

Parlementaire Monitor

Met de Parlementaire Monitor volgt u alle parlementaire dossiers die voor u van belang zijn, op de voet. De monitor signaleert de recent aan deze dossiers toegevoegde documenten en de vergaderingen waarin ze aan de orde komen. U ziet in ťťn oogopslag van elk lopend wetsvoorstel de stand van zaken. Via e-mail-alerts en de nieuwsbrieffunctie zijn u en uw relaties altijd onmiddellijk op de hoogte.

Als u meer wilt weten over de Parlementaire Monitor, bekijk dan de uitgebreide beschrijving op www.pdc.nl of neem contact met ons op via info@parlementairemonitor.nl.