Bijdrage Arie Slob aan het plenair debat over het rapport van de Onderzoeksraad voor de Veiligheid m.b.t. het 'gasgebouw' in Nederland - Parlementaire monitor

Parlementaire monitor
Donderdag 21 november 2019
kalender
Met dank overgenomen van A. (Arie) Slob i, gepubliceerd op vrijdag 6 maart 2015.

Bijdrage van ChristenUnie Fractievoorzitter Arie Slob aan een plenair debat met minister Henk Kamp van Economische Zaken

Onderwerp:   Debat over het rapport van de Onderzoeksraad voor de Veiligheid m.b.t. het 'gasgebouw' in Nederland

Kamerstuk:    33 529

Datum:           3 maart 2015

De heer Slob (ChristenUnie):

Mevrouw de voorzitter. Het is goed dat dit debat gehouden wordt, maar het is jammer dat de minister-president het niet nodig vond om hierbij aanwezig te zijn. Gaswinning is van nationaal belang, maar je verantwoorden over het verleden en het bestrijden en voorkomen van schade is ook van nationaal belang. Het had de minister-president gesierd als hij hierbij was geweest. Dan had hij dit ook kunnen onderstrepen.

Dit debat staat wat ons betreft in het teken van herstel van vertrouwen. Dat vertrouwen is stevig, heel stevig geschaad. Het rapport van de Onderzoeksraad Voor Veiligheid was vernietigend: Groningen is als een soort wingewest beschouwd, de begroting heeft centraal gestaan en veiligheid, primair een overheidstaak, is daaraan ondergeschikt gemaakt. We moeten ons de ogen uit de kop schamen.

De minister heeft gisteren voor de camera van RTV Noord iets wat op een excuus leek, uitgesproken. Wij zouden het fijn vinden als hij hier ook vandaag woorden aan geeft en ons duidt wat de betekenis is van de woorden die hij daar sprak en waarschijnlijk vanavond hier zal spreken. Wat ons betreft horen bij woorden daden. Als je serieus wilt werken aan herstel van vertrouwen, dan zal het vooral daarvan afhangen, en niet straks maar nu. Wat de ChristenUnie betreft, gaat het om het volgende. Wij vinden dat de aanbevelingen van de Onderzoeksraad Voor Veiligheid onverkort moeten worden overgenomen. Nu geen mitsen en maren. Het zijn nog redelijk algemeen geformuleerde aanbevelingen. Later, in de uitwerking, kunnen we het gaan hebben over verdere verfijning. Ik vraag met heel veel klem aan het kabinet om de aanbevelingen nu gewoon over te nemen.

Ik ga het debat van een paar weken geleden niet overdoen. Als je vertrouwen wilt herstellen, dan hoort daar volgens mij onlosmakelijk bij dat je nu duidelijkheid geeft over de gaswinning, ook voor de rest van dit jaar. Dit moet niet boven de markt blijven hangen, zoals het kabinet, met steun van de coalitie, nu helaas laat gebeuren. Laten wij ook een aangenomen Kamermotie serieus nemen. Ik doel op de motie-Dik-Faber, die vorig jaar februari is aangenomen. Zelfs de coalitiepartijen hadden die medeondertekend. Wij hebben het kabinet de opdracht gegeven om al voorbereidingen te treffen voor tussentijdse aanpassing van het gasbesluit zodra het rapport van de Onderzoeksraad zou verschijnen. Ruim een jaar heeft de minister daaraan kunnen werken. Het rapport ligt er. Het rapport is vernietigend. Nu moet er gewoon duidelijkheid komen. Bieden, wat de ChristenUnie betreft. Overigens moet nu ook niet op andere plekken de gaswinning worden opgevoerd, zoals op een aantal plekken dreigt te gebeuren, of op nieuwe plekken met gaswinning worden begonnen. Bied ook daar duidelijkheid!

Gas en begroting zijn aan elkaar verbonden, of we het leuk vinden of niet. Ze zijn te veel aan elkaar verbonden geweest. Voor de fractie van de ChristenUnie staat ook vast dat je voor het bieden van duidelijkheid over de toekomst, ook duidelijk moet maken dat je de veiligheid vooropstelt. Veiligheid betekent voor ons dat we teruggaan naar wat voor de leveringszekerheid noodzakelijk is: 30 miljard kuub, met een kleine uitloop voor als er echt een heel strenge winter is. Dat is noodzakelijk. Aan alles wat daarboven zit of aan elke situatie waarin er onzekerheid blijft, zal de ChristenUnie niet meewerken, ook als het om een begroting gaat. Wij willen op die manier duidelijk maken dat het ons echt ernst is en dat wij van het rapport leren dat de veiligheid vooropstaat.

Er moeten ook slagen gemaakt worden wat betreft de schadeafhandeling. Wij merken dat het voor heel veel mensen die in onzekerheid verkeren, nog steeds heel zwaar is. Ik vraag het kabinet om een uitstekende suggestie van een aantal hoogleraren uit het noorden van het land zelf op te pakken en uit te werken: geef een bijzondere kamer van de rechtbank voor Noord-Nederland hiervoor een verantwoordelijkheid. Die rechters kunnen een onafhankelijk oordeel geven over zaken die echt onoplosbaar lijken. Zij kunnen ook toezicht houden op de verdere afwikkeling van de schade. Ook dat zou een bijdrage kunnen leveren aan het herstel van vertrouwen.

Ik noem nog één ander ding. Wij hebben het vaker genoemd en het komt in ieder debat terug, zelfs ook nog even in het VAO van zojuist: er moet echt serieus werk worden gemaakt van de energietransitie. Het blijft te ver achter bij wat noodzakelijk is, ook in het licht van de gevolgen van het minder leunen op gas dan tot nu toe het geval is geweest. Ik vraag het kabinet met klem om ook op het energieakkoord een duidelijke plus te zetten, om alles op alles te zetten om de energietransitie op een duurzame manier inhoud te geven. Dat hebben wij ook nodig met het oog op de toekomst. Als wij dat serieus doen, dan kan dat ook weer helpen bij het verdere herstel van vertrouwen, dat op zo'n ongelooflijk harde manier is geschaad. Dat dit is gebeurd, moeten wij ons allemaal aantrekken. Ik kijk ook niet alleen naar het kabinet. Er zijn velen bij betrokken. Wij zijn bij wijze van spreken allemaal betrokken, omdat wij ook vanuit de Kamer te lang hierin duidelijk zijn geweest. Dat mea culpa past ons dus allemaal. Terugkijken is prima, maar nu moet er vooruitgekeken worden. Laat dat op een heel duidelijke manier gebeuren.

De heer Dijkgraaf (SGP):

Ik dank de heer Slob voor deze woorden. Ik deel die helemaal. Het is mooi dat de heer Slob dit zegt. Net als wij is ook hij betrokken geweest bij diverse akkoorden. Hij heeft zelfs een keer in het kabinet gezeten. Ik ben benieuwd welke lessen de heer Slob hieruit trekt. Wij hebben dat immers collectief laten varen. De vraag is wat het kabinet ermee doet, maar welke lessen ziet de heer Slob voor de Kamer om daarmee in het vervolg anders en beter om te gaan?

De heer Slob (ChristenUnie):

Eén les is dat we nu vandaag tegen het kabinet zeggen en namens de fractie die wij vertegenwoordigen uitspreken dat de aanbevelingen moeten worden overgenomen. Geen mitsen en maren: overnemen en uitwerken. Over de uitwerking kunnen wij de komende tijd discussies voeren. Wij moeten ook duidelijk maken wat de consequenties zijn voor de begroting van het nemen van het besluit dat er minder omhoog worden gepompt. Ik heb dat zelf niet verzonnen, maar die dingen zijn met elkaar verweven. Dat is veel te veel met elkaar verweven geweest. Daar is het rapport nu zo hard over. De inkomsten hebben centraal gestaan en de veiligheid is daaraan ondergeschikt geweest. Als je dan nu boven de markt laat hangen dat je die inkomsten toch graag wilt beïnvloeden en hoog wilt hebben, leer je niet. Daarom ben ik voor mezelf heel duidelijk. Ik weet dat het geen fijn besluit is, want het kost heel veel geld. Voor ons staat echter de veiligheid voorop. Voor ons is het niet acceptabel als men boven het niveau gaat zitten dat voor de leveringszekerheid nodig is, afgezien van dat kleine stukje als er een heel strenge winter komt. Met de ervaringen van de afgelopen jaren weten wij echter dat zulks een theoretische situatie is.

Ik kan dus ook geen verantwoordelijkheid nemen — en dat statement heb ik vandaag afgegeven — voor begrotingen die wel die ruimte laten of die onzekerheid boven de markt laten hangen. Welk signaal geef je de mensen in het Noorden dan? Dat wij toch niet echt hebben geleerd en dat wij de begroting serieuzer nemen dan hun veiligheid. Dat kunnen wij niet voor onze verantwoordelijkheid nemen. Daarin ben ik klip-en-klaar. Vandaar ons standpunt op dat punt.

De heer Dijkgraaf (SGP):

Ik stel alleen een tweede vraag als het antwoord onduidelijk is. Dit is een duidelijk antwoord.

Mevrouw Van Veldhoven (D66):

Ik las in de pers dat de ChristenUnie zegt dat er in april 2015 duidelijkheid moet zijn over de verminderde gaswinning en dat zij anders niet wil meepraten over de begroting. Nu stelt minister Kamp voor om pas tegen de zomer met een aangepast besluit over de gaswinning te komen. Wil de ChristenUnie dat antwoord van de minister vandaag horen? Welk moment ziet de ChristenUnie dan in april voor zich waarop die duidelijkheid er alsnog zou kunnen komen? Dat is veel eerder dan wat minister Kamp nu voornemens is te doen.

De heer Slob (ChristenUnie):

Ik heb niet "april" gezegd. Ik weet niet waar dat staat. Ik zou graag vandaag, 3 maart 2015, de verjaardag van mijn moeder, een mooie dag, van deze minister willen horen — namens het kabinet, want hij zit hier niet op persoonlijke titel — dat hij duidelijkheid geeft voor het complete kalenderjaar 2015. Niet meer die ongein van een paar weken geleden om het boven de markt te laten hangen, iets waar de coalitiepartijen in zijn meegegaan. Wij gaan terug naar wat voor leveringszekerheid nodig is. Dat zou ik willen horen. Als het kabinet dat niet doet en een meerderheid van de Kamer dat steunt, kunnen wij, als partijen die dat anders willen — en ik schaar D66 daar ook onder omdat ik ervan uitga dat zij ook vindt dat gas en begroting aan elkaar verbonden zijn — niet anders dan duidelijk maken waar wij zelf staan. Dat is het minste wat je kunt doen. Dat is heel veel, want je gaat namens je fractie over je standpunten. Dat doe ik vandaag. Daar ben ik duidelijk in. Ik zou het fijn vinden als D66, een partij die ook strijdt voor een eerlijker gaswinning en teruggaan naar leveringszekerheid, dat ook zou doen.

Mevrouw Van Veldhoven (D66):

Dan nog een vraag over de erkenning op de aanbevelingen die de Onderzoeksraad Voor Veiligheid heeft gedaan. De heer Slob zegt duidelijk dat hij op al die punten een helder signaal wil van de minister. Die gaan echter niet over specifieke oplossingen. Als de minister vandaag de hoofdlijnen onderschrijft, is dat voldoende voor de heer Slob.

De heer Slob (ChristenUnie):

Er zit bijvoorbeeld een aanbeveling in die in feite zegt: organiseer tegenkrachten. Het zit te veel op één plek, lees: Economische Zaken. Dat vind ik een heel goed punt. Hoe wij die tegenkrachten precies gaan organiseren en wat het beste is? Dat red je niet in een debatje met vijf minuten spreektijd en nog niet eens een kabinetsreactie. Ik vind het prima dat wij daarover later verder spreken, maar dat er tegenkrachten moeten worden georganiseerd, is voor mij echt evident. Wij zien helaas ook op andere terreinen dat de overheid een soort blinde vlek heeft en dingen laat gebeuren, en pas in beweging komt op het moment dat er ergens iets goed fout gaat. Daar moeten we met elkaar van leren. Het is breder dan alleen het gasdebat, maar dat is een heel indringend punt in de richting van het kabinet.

Voor meer informatie: www.tweedekamer.nl.