Brief regering; Olielekkage uit opslag in Duitsland en de geplande opslag van diesel in zoutcavernes in Enschede - Mijnbouw - Parlementaire monitor

Parlementaire monitor
Dinsdag 20 augustus 2019
kalender

1.

Tekst

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Vergaderjaar 2013–2014

32 849

Mijnbouw

Nr. 20

BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 3 juni 2014

Op 12 april jl. is een olielekkage geconstateerd in het natuurgebied Amtsvenn bij Epe, Duitsland. In dit gebied ligt reeds lange tijd ruwe olie opgeslagen in uitgeproduceerde zoutcavernes. In Enschede is een nieuw te realiseren gasolieopslagfaciliteit gepland. De vergunningprocedures zijn daarvoor reeds doorlopen. De lekkage in Duitsland roept terechte vragen op over de veiligheid van de nieuwe opslagfaciliteit in Enschede. Daarbij gaat het met name om hoe we kunnen voorkomen dat een lekkage als in Duitsland zich ook in Nederland kan voordoen. Uw Kamer heeft ook blijk gegeven van zorg op dit punt en heeft een drietal sets vragen gesteld. Hierbij ga ik graag op deze vragen en zorgen in. Daartoe geef ik aan wat er in Duitsland is gebeurd, hoe dat zich verhoudt tot de geplande opslagfaciliteit in Enschede en welke mogelijkheden ik heb om in te grijpen indien dat nodig is. Vervolgens ga ik in de bijlagen specifiek in op de aan de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu en mij gestelde vragen. Deze vragen worden mede namens de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu beantwoord:

Bijlage 1: antwoorden op vragen van de leden Omtzigt, Agnes Mulder en Geurts (allen CDA) over de olielekkage uit opslag in lege zoutmijnen in het natuurgebied Amtsvenn (bij Enschede) en de geplande extra opslag van diesel in lege zoutmijnen onder Enschede. Deze vragen werden ingezonden op 30 april 2014 (Aanhangsel Handelingen II 2013/14, nr. 2192);

Bijlage 2: antwoorden op vragen van het lid Van Tongeren (Groen-Links) over het bericht «Zoektocht naar olielek in Duitse Amtsvenn bij Enschede ook tijdens Pasen». Deze vragen werden ingezonden op 30 april 2014 (Aanhangsel Handelingen II 2013/14, nr. 2190); Bijlage 3: antwoorden op vragen van het lid Van Veldhoven (D66) over de olielekkage uit opslag in lege zoutmijnen in het natuurgebied Amtsvenn (Duitsland, bij Enschede) en de geplande extra opslag van diesel in lege zoutmijnen onder Enschede. Deze vragen werden ingezonden op 16 mei 2014 (Aanhangsel Handelingen II 2013/14, nr. 2191).

Waarom olieopslag

De stichting COVA (Centraal Orgaan Voorraadvorming Aardolieproducten) heeft de wettelijke taak om het grootste deel van de Nederlandse strategische olievoorraden aan te houden. Met deze strategische olievoorraden geeft Nederland invulling aan de internationale verplichtingen tot het aanhouden van een minimale voorraad olie van 90 dagen netto import, die zijn afgesproken in IEA- en EU-verband1. COVA houdt daartoe deels ruwe aardolie aan en deels olieproducten zoals benzine, gasolie/diesel en kerosine. Voor een groot deel, bijna 1,5 miljoen ton, worden de Nederlandse ruwe aardolievoorraden al tientallen jaren aangehouden in ondergrondse cavernes in Duitsland bij Etzel.

Momenteel wordt alles in gereedheid gebracht om in cavernes bij Enschede, ontstaan door zoutwinning van AkzoNobel, vanaf november dit jaar ook een deel van de gasolievoorraad in Nederland onder te brengen. Het langdurig opslaan van olie in cavernes is aanzienlijk goedkoper dan in bovengrondse tanks. AkzoNobel is eigenaar van de cavernes bij Enschede. AkzoNobel en het oliebedrijf Argos willen vijf cavernes van elk 150.000 m3 ontwikkelen voor olieopslag, dus in totaal 750.000 m3. COVA wilde aanvankelijk daarvan 300.000 m3 verspreid over drie cavernes huren. Dit is inmiddels teruggebracht tot 250.000 m3, verspreid over twee cavernes. COVA heeft een contract met Argos voor de aanvoer en de opslag van de gasolie (o.a. diesel) in de cavernes. COVA wordt de eigenaar van de gasolie.

Olielekkage in Duitsland

Op 12 april jl. is een olielekkage geconstateerd in het natuurgebied Amtsvenn bij Epe, Duitsland. Op drie plekken zijn olieverontreinigingen gevonden. Tien koeien, die van het olie-water-mengsel hadden gedronken, werden ziek en zijn afgemaakt. Sindsdien is inmiddels ruim 2.700 m3 van het opborrelende olie-water-mengsel afgezogen. Dit mengsel bevat minder dan 1% olie, circa 15 m3. In dit gebied ligt reeds lange tijd ruwe olie opgeslagen in uitgeproduceerde zoutcavernes. Na het constateren van de lekkage wordt door de Duitse autoriteiten onderzoek gedaan naar de oorzaak. Daarnaast is na het constateren van de lekkage onder andere een damwand rond het vervuilde gebied aangelegd, om verdere verspreiding van de olie tegen te gaan. Mogelijke (milieu)schade wordt gemonitord door de lokale autoriteiten. Het drinkwater wordt meerdere malen per dag uitgebreid getest. Via Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) is nauw contact met de Bezirksregierung Arnsberg in Noordrijn-Westfalen. Mijn ministerie houdt samen met SodM de ontwikkelingen nauwlettend in de gaten.

Woensdag 28 mei jl. is duidelijk geworden dat het lek naar alle waarschijnlijkheid in het boorgat zit, niet in de caverne zelf. Het boorgat is een verticale buis die de caverne met de installaties aan het maaiveld verbindt. Het boorgat is lek tussen de 200 en 311 meter diepte. Er zijn sterke aanwijzingen voor een lek op 217 meter diepte. Druktesten hebben tevens aangetoond dat de rest van het boorgat, tot 200 meter diepte en vanaf 311 meter diepte, geheel lekdicht is. Verder onderzoek in de komende weken zal moeten aantonen of het lek zich inderdaad op 217 meter bevindt en hoe daar een lek heeft kunnen ontstaan.

IEA: Internationaal Energie Agentschap

Consequenties voor geplande olieopslag in Enschede

AkzoNobel heeft het initiatief genomen om in een vijftal cavernes in Enschede, onder industrieterrein De Marssteden, gasolie (onder andere diesel) op te gaan slaan. Op dit initiatief was de rijkscoördinatieregeling van toepassing. Het rijksinpassingsplan is op 2 oktober 2013 vastgesteld. Op 1 april 2014 zijn de benodigde vergunningen en het rijksinpassingsplan onherroepelijk geworden. De vergunninghouder, AkzoNobel, kan daarom in beginsel starten met de opslag van gasolie. Voorbereidende werkzaamheden worden op dit moment uitgevoerd. De start van de daadwerkelijke opslag is in principe voorzien voor eind van dit jaar.

Direct na het bekend worden van de lekkage in Duitsland ben ik in overleg getreden met AkzoNobel om te bespreken welke consequenties dit heeft voor de geplande opslag in Enschede. Ik heb SodM gevraagd om mij hierin te adviseren. Ik heb met AkzoNobel afgesproken dat zij niet zal overgaan tot daadwerkelijke opslag van gasolie totdat zeker is dat de lekkage, zoals die zich heeft voorgedaan in Duitsland, zich niet kan voordoen in de opslagfaciliteit van AkzoNobel in Enschede.

Zoals hierboven aangegeven is in de opslag in Duitsland waarschijnlijk sprake van een lekkage uit het boorgat. Er is een aantal belangrijke technische verschillen tussen het boorgat van de opslag in Duitsland (Epe) en de geplande opslag in Enschede:

Bij de olieopslag in Epe, Duitsland, is sprake van een enkelwandige buis waardoor de gasolie de caverne ingepompt wordt. De olie staat hier rechtstreeks in contact met de buitenkant van het boorgat. Bij de geplande olieopslag in Enschede is daarentegen voorzien in een dubbelwandige buis waardoor de gasolie de caverne ingepompt wordt. Bij de opslag in Enschede zal de gasolie door een binnenbuis stromen. Tussen de binnen- en de buitenbuis is een annulaire ruimte, die gevuld is met een anticorrosieve vloeistof. In de plannen voor olieopslag in Enschede wordt de druk in de annulaire ruimte constant gemonitord. Als de buitenhuis lek raakt, stroomt er een hoeveelheid anticorrosieve vloeistof de grond in. Deze vloeistof is niet schadelijk voor het milieu. Omdat de druk in de annulaire ruimte dan daalt, zal dit lek snel opgemerkt worden. Als de binnenhuis lek raakt, stroomt er gasolie de annulaire ruimte in. De druk in de annulaire ruimte zal dan stijgen. Ook dit zal door de constante monitoring van de druk snel opgemerkt worden. Een ander verschil tussen de opslag in Duitsland en de geplande opslag in Enschede is dat de caverne in Duitsland met één boorgat verbonden is met installaties aan de oppervlakte. De voorgenomen olieopslag in de cavernes in Enschede zal plaatsvinden met twee boorgaten. Het ene - dubbel verbuisde - boorgat wordt gebruikt om de gasolie in en uit de caverne te pompen. Het andere - dubbel verbuisde - boorgat wordt gebruikt om de pekel (zoutverzadigd water) in en uit de caverne te pompen. Hiermee wordt bereikt dat de caverne altijd met vloeistof is gevuld en er nooit een ongevulde «holle» ruimte kan ontstaan. Dat vermindert de kans op vervorming van de caverne. Bovendien blijft de caverne toegankelijk in het geval dat één van beide boorgaten beschadigd raakt. Veiligheidstechnisch gezien is dat gunstiger. Dit maakt de gasolieopslag minder gevoelig voor een mogelijke beschadiging van de boorgaten. Overigens hebben vier van de vijf beoogde opslagcavernes in Enschede zelfs nog een derde boorgat. Dit wordt niet voor de opslag gebruikt, maar biedt als dat nodig is wel een extra toegangsmogelijkheid.

Gelet op deze verschillen is het zeer onwaarschijnlijk dat een lekkage van een boorgat bij de gasolieopslag in Enschede dezelfde gevolgen zou hebben als nu in Epe, Duitsland.

Gelet op bovenstaande kan AkzoNobel doorgaan met de voorbereidende werkzaamheden voor realisatie van de olieopslag in Enschede. In dit kader deel ik uw Kamer mede dat ik op 2 juni 2014 een gewijzigde omgevingsvergunning aan AkzoNobel heb toegekend voor de opslagfaciliteit. De wijziging behelst een grotere voorziening voor de noodopvang van gasolie bij een bovengrondse calamiteit, zodat de totale hoeveelheid uitstromende gasolie bij beschadiging van de olieput door aanrijding of door andersoortige beschadiging van de olieput opgevangen wordt. Daarnaast wordt een uitrit verplaatst. Deze vergunning heeft alleen betrekking op de bovengrondse faciliteiten. De vergunning is door AkzoNobel aangevraagd vóór het ontstaan van het lek in Duitsland (namelijk op 25 februari 2014) en staat hier dus los van.

Mogelijkheden tot ingrijpen

Zoals hierboven aangegeven is het is onwaarschijnlijk dat een lekkage zoals in Duitsland bij de geplande gasolieopslag in Enschede dezelfde gevolgen zal hebben. Bij de geplande opslag in Enschede zijn immers diverse veiligheidsmaatregelen voorzien die bij de opslag in Duitsland ontbreken. Ik zie dan ook geen directe aanleiding om in te grijpen in de geplande opslag in Enschede.

Het onderzoek naar de oorzaak van de lekkage in Duitsland is nog niet afgerond. Indien uit de onderzoeksresultaten of om een andere reden toch een noodzaak blijkt om in te grijpen in de geplande olieopslag in Enschede, dan kan ik op grond van artikel 50 van de Mijnbouwwet, in gevallen van ernstige aantasting van de bescherming van de veiligheid, het milieu of in gevallen van beweging van de aardbodem, maatregelen voorschrijven. Deze bevoegdheid is gemandateerd aan de Inspecteur Generaal der Mijnen. Ook houdt SodM toezicht bij de bouw. Als er niet volgens het werkprogramma wordt gewerkt kan de toezichthouder ingrijpen, met als laatste middel het stilleggen van de werkzaamheden.

Wanneer het onderzoek in Duitsland is afgerond en de oorzaak van de lekkage definitief is vastgesteld, zal ik uw Kamer hierover informeren. Daarbij zal ik ook eventuele consequenties voor de geplande olieopslag in Enschede betrekken.

De Minister van Economische Zaken, H.G.J. Kamp


 
 

2.

Meer informatie

 
 

3.

Parlementaire Monitor

Met de Parlementaire Monitor volgt u alle parlementaire dossiers die voor u van belang zijn, op de voet. De monitor signaleert de recent aan deze dossiers toegevoegde documenten en de vergaderingen waarin ze aan de orde komen. U ziet in één oogopslag van elk lopend wetsvoorstel de stand van zaken. Via e-mail-alerts en de nieuwsbrieffunctie zijn u en uw relaties altijd onmiddellijk op de hoogte.

Als u meer wilt weten over de Parlementaire Monitor, bekijk dan de uitgebreide beschrijving op www.pdc.nl of neem contact met ons op via info@parlementairemonitor.nl.