Brief minister over informatievoorziening Afghanistan - Bestrijding internationaal terrorisme

Deze brief is onder nr. 198 toegevoegd aan dossier 27925 - Bestrijding internationaal terrorisme.

1.

Kerngegevens

Officiële titel Bestrijding internationaal terrorisme; Brief minister over informatievoorziening Afghanistan 
Document­datum 17-01-2006
Publicatie­datum 12-03-2009
Nummer KST93905
Kenmerk 27925, nr. 198
Van Defensie (DEF)
Originele document in PDF

2.

Tekst

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Vergaderjaar 2005–2006

27 925

Bestrijding internationaal terrorisme

Nr. 198

BRIEF VAN DE MINISTER VAN DEFENSIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 17 januari 2006

Mede namens de Minister van Buitenlandse Zaken en de Minister voor Ontwikkelingssamenwerking informeer ik u hierbij als volgt.

Op 22 december 2005 is de Kamer met een Artikel-100 brief (Kamerstuk 27 925 nr. 193) geïnformeerd over de Nederlandse bijdrage aan de «International Security Assistance Force» (ISAF) in Zuid-Afghanistan. Met de oplegbrief van 22 december 2005 (Kamerstuk 27 925 nr. 194) is de Kamer nader geïnformeerd dat de regering desgewenst graag bereid is tot vertrouwelijk overleg met de Vaste Kamercommissies voor Buitenlandse Zaken en Defensie. Tevens zal de regering desgevraagd gaarne medewerking verlenen ten behoeve van hoorzittingen met derden.

Ik heb kennis genomen van de besluitenlijst van de extra procedurevergadering van de genoemde commissies van 20 december 2005, waarin melding wordt gemaakt van een openbare hoorzitting, een besloten briefing en een werkbezoek aan Kabul. Naar ik begrijp zullen de Vaste Kamercommissies hierover nog nadere besluiten nemen. Ten aanzien van een werkbezoek merk ik op dat de regering hier desgevraagd gaarne haar medewerking aan zal verlenen. Verder wil ik hierbij graag toelichten op welke wijze de regering kan voorzien in de behoefte aan informatie met een vertrouwelijk karakter.

Zoals bekend besluit de regering over een bijdrage aan een crisisbeheersingsoperatie aan de hand van het Toetsingskader 2001. De regering informeert de Tweede Kamer als zij gaat onderzoeken of een Nederlandse bijdrage wenselijk en mogelijk is. In de loop van dit onderzoek maakt de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) een analyse. De Commandant der Strijdkrachten (CDS) gebruikt deze analyse bij het opstellen van zijn militair advies aan de minister van Defensie. Als het onderzoek is afgerond, informeert de regering het parlement op grond van art. 100 van de Grondwet over de uitkomsten ervan.

Ook tijdens de voorbereiding van de bijdrage aan ISAF in Zuid-Afghani-stan heeft de MIVD een analyse opgesteld. Daarbij is gebruik gemaakt van een veelheid aan informatie, waaronder geheime informatie die ter beschikking is gesteld door buitenlandse zusterdiensten. De CDS heeft de MIVD-analyse verwerkt in zijn militair advies. Met de Artikel 100-brief van 22 december 2005 bent u geïnformeerd over alle relevante aspecten van het onderzoek naar de bijdrage aan ISAF in Zuid-Afghanistan, inclusief de hoofdlijnen van de MIVD-analyse en van het militair advies van de CDS.

Het is in bepaalde gevallen noodzakelijk de Kamer vertrouwelijk te informeren teneinde haar in staat te stellen haar controlerende taken uit te voeren. Tot op heden is dit vaak gebeurd door middel van vertrouwelijk mondeling overleg met de relevante Kamercommissie(s), zoals de Vaste Commissies voor Buitenlandse Zaken en voor Defensie of de Commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten.

Ook ten aanzien van de komende bijdrage aan ISAF in Zuid-Afghanistan is een vertrouwelijk informeren van de Kamer opportuun. De regering is dan ook gaarne bereid een vertrouwelijke briefing te verzorgen voor de Vaste Kamercommissies voor Buitenlandse Zaken en Defensie. Tijdens deze briefing zullen de CDS en directeur van de MIVD nadere informatie kunnen verschaffen over de komende bijdrage, waarbij zij tevens vragen van de zijde van de Kamer zullen kunnen beantwoorden.

Zoals door mij reeds eerder is uiteengezet, onder meer tijdens het algemeen overleg van 4 november 2004 over het jaarverslag van de MIVD (Kamerstuk 29 800 X nr. 55), is het noodzakelijk zeer terughoudend te zijn met het verstrekken van informatie die afkomstig is van buitenlandse zusterdiensten, teneinde te voorkomen dat de uitwisseling van informatie met deze diensten wordt belemmerd. Om deze en andere redenen is het mij dan ook niet mogelijk vertrouwelijk inzage te geven in de MIVD-analyse zelf of het militair advies van de CDS.

De Minister van Defensie, H. G. J. Kamp

 
 
 

3.

Meer informatie

 

4.

Parlementaire Monitor

Met de Parlementaire Monitor volgt u alle parlementaire dossiers die voor u van belang zijn en bent u op de hoogte van alles wat er speelt in die dossiers. Helaas kunnen wij geen nieuwe gebruikers aansluiten, deze dienst zal over enige tijd de werkzaamheden staken.