Antiterrorismebeleid EU - Parlementaire monitor

Parlementaire monitor
Donderdag 28 januari 2021
kalender

Antiterrorismebeleid EU

Met dank overgenomen van Europa Nu.
Militairen op straat in Brussel

Sinds de aanslagen van 11 september 2001 in New York, 11 maart 2004 in Madrid en 7 juli 2005 in Londen staat terrorismebestrijding hoog op de Europese agenda. Ook voor andere grote samenwerkingsverbanden in en buiten Europa (Europese Unie i, Raad van Europa i, OVSE i en NAVO i) is terrorismebestrijding een prioriteit.

De EU-strategie voor terrorismebestrijding heeft als doel het gezamenlijk bestrijden van terrorisme en het bieden van de best mogelijke bescherming aan haar burgers. De strategie heeft vier onderdelen: het voorkomen van terrorisme door radicalisering tegen te gaan, het beschermen van burgers, het vervolgen van verdachten en het voorbereid zijn op aanslagen en de gevolgen ervan.

In december 2020 publiceerde de Europese Commissie een nieuwe terrorismebestrijdingsagenda, gebaseerd op de bovenstaande vier doelstellingen van de Europese samenwerking op het gebied van antiterrorisme. Deze strategie is grotendeels een voortzetting van de Europese inzet, maar is ook vernieuwend op het gebied van cybersecurity, omdat digitaal terrorisme een steeds grotere bedreiging is. Zo krijgt Europol een sterker mandaat om cyberterrorisme tegen te gaan.

1.

Staand beleid

Doelstellingen Europese samenwerking

Terrorisme vormt een bedreiging voor de veiligheid, de vrijheid en de waarden van de Europese Unie en voor haar burgers. Om voorbereid te zijn op gebeurtenissen die deze waarden in gevaar kunnen brengen, werkt de EU sinds een aantal jaar aan passend beleid. Bij iedere nieuwe maatregel die de EU formuleert zal de afweging tussen veiligheid en privacy moeten worden gemaakt.

De samenwerking op het gebied van antiterrorisme wordt steeds intensiever. Er wordt meer informatie over Syriëgangers gedeeld, inlichtingendiensten werken steeds nauwer samen, reizigers die de Schengenzone binnenkomen worden gecheckt in databanken en er is een richtlijn die het verbiedt om te reizen naar een conflictzone met als doel om er als strijder te trainen of te vechten.

De EU-strategie voor terrorismebestrijding bestaat uit vier centrale doelstellingen:

  • Voorkomen: om te kunnen anticiperen op recente trends zoals zogenoemde 'lone wolves' (alleen opererende terroristen) en 'foreign fighters' (mensen die hun land verlaten om ergens anders in een gewapend conflict mee te gaan vechten) heeft de EU een strategie voor het bestrijden van radicalisatie en rekrutering.
  • Beschermen: de EU wil op dit vlak burgers beter beschermen tegen aanvallen door middel van, bijvoorbeeld, het Passagiersnamen Register dat vliegtuigpassagiers in Europa in kaart brengt. Ook strategische doelwitten moeten minder kwetsbaar gemaakt worden voor aanslagen.
  • Vervolgen: dit betreft voornamelijk het verbeteren van praktische samenwerking en informatie-uitwisseling tussen politiële en justitiële autoriteiten (met name via Europol i en Eurojust i).
  • Voorbereid zijn en reageren: de gevolgen van een aanslag opvangen, de reactie coördineren en inspelen op de behoeften van slachtoffers.
  • Samenwerking met internationale partners: de terrorismebestrijdingsagenda komt steevast aan bod bij politieke dialogen op hoog niveau. Onder andere de Verenigde Staten en landen in de Westelijke Balkan, de Sahel, Noord-Afrika, het Midden-Oosten, Noord-Amerika en Azië zijn hierbij betrokken. Tevens wordt er samengewerkt met andere internationale organisaties als de Raad van Europa i, de OVSE i, de Verenigde Naties i, de Arabische Liga en de Organisatie van Islamitische Samenwerking.

Terrorismebestrijdingsagenda 2020

De Commissie von der Leyen presenteerde in december 2020 een aanvullend agenda voor de bestrijding van terrorisme. Een belangrijk onderdeel daarvan is de focus op cybersecurity, omdat terrorisme een steeds groter digitaal karakter krijgt. Daarnaast krijgt ook Europol een sterker mandaat op het gebied van rechtshandhaving. Daarmee kan deze organisatie sneller optreden tegen terrorisme en bijvoorbeeld beter samenwerken met het Europees Openbaar Ministerie i.

Uitwisselen van informatie

Het Europees Passagiersnamen Register (EU PNR) registreert vliegreizen van mensen binnen de Unie. Europol rapporteert hier jaarlijks over. Uitwisseling van gegevens gebeurt niet alleen binnen de EU, maar ook met de Verenigde Staten. Enkele privégegevens van naar de VS reizende passagiers, zoals naam- en creditcardgegevens worden door de EU verstrekt. Naar aanleiding van het SWIFT-akkoord van 2010 tussen de EU en de VS worden ook bankgegevens uitgewisseld.

In september 2019 is het agentschap voor justitiële samenwerking Eurojust i gestart met een Anti-Terrorisme Register om terreurverdachten sneller te kunnen opsporen en berechten. Via het register kunnen gegevens over onderzoeken, vervolging, rechtszaken en veroordelingen snel en veilig worden uitgewisseld.

Ook buiten de context van Europese Unie vindt er uitwisseling van informatie plaats. Zo worden onder meer gegevens uit databanken van de geheime diensten gedeeld tussen lidstaten van de NAVO i. De Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE i) probeert via bemiddeling gewapende conflicten te voorkomen en heeft een speciale eenheid die is belast met het bestrijden van terrorisme.

2.

Mijlpalen

Coördinator terrorismebestrijding

Na de aanslagen aan het begin van de eeuw besloten EU-leiders in 2004 tot het aanstellen van een EU-coördinator voor terrorisme­bestrijding. De functionaris coördineert namens de Europese Raad het beleid om binnen de EU terrorisme te bestrijden. Het is zijn taak om de communicatie tussen EU-lidstaten op het gebied van antiterrorismebeleid te stroomlijnen en ervoor te zorgen dat de gezamenlijke EU-strategie tegen terrorisme wordt uitgevoerd. De functie valt onder de verantwoordelijkheid van de Hoge Vertegenwoordiger voor het Buitenlands en Veiligheidsbeleid i.

Na opnieuw meerdere aanslagen in Europa in 2015 en 2016 werden in 2017 nieuwe maatregelen genomen door de EU. Onder andere het intensiever uitwisselen van informatie over Syriëgangers, het afsluiten van geldstromen naar terroristen en systematische controles op registratie in databanken bij het betreden van de Schengenzone behoorden daartoe. Daarvoor werd in 2016 al besloten dat het uitreizen naar conflictgebieden voor terroristische activiteiten verboden zou worden door middel van een richtlijn en stelde Commissievoorzitter Juncker i een commissaris aan met als portefeuille de Veiligheidsunie.

3.

Wie doet wat

Bij de besluitvorming op dit beleidsterrein spelen de Europese Commissie i, de Raad i en het Europees Parlement i een rol. De Europese Commissie formuleert wetsvoorstellen op EU-beleidsterreinen. Terrorismebestrijding kan onderdeel zijn van het buitenlands beleid i, het defensiebeleid i en/of het criminaliteitsbeleid i van de Europese Unie. De besluitvormingsprocedures voor deze beleidsterreinen staat in het desbetreffende hoofdstuk.

Verschillende instellingen en organen hebben een rol in het antiterrorismebeleid. Onder andere FRONTEX i, Europol i en het Permanent Comité voor operationele samenwerking op het gebied van de binnenlandse veiligheid. Ook is er een EU-coördinator voor terrorismebestrijding i. De functionaris coördineert namens de Europese Raad i het beleid om binnen de EU terrorisme te bestrijden. Daarnaast is er een eurocommissaris met de portefeuille Veiligheidsunie i.

Voor maatregelen over de financiële aspecten van terrorisme (zoals bevriezing van tegoeden), en het vaststellen van minimumvoorschriften over strafbare feiten en sancties geldt de gewone wetgevingsprocedure i. Het bepalen van minimumnormen voor de strafmaat op dit beleidsterrein is onderdeel van de samenwerking op het gebied van de rechtspraak i. Voor de meeste besluitvorming op dat terrein geldt ook de gewone besluitvormingsprocedure.

 

Europees orgaan

Verantwoordelijke

Europese Commissie i

Eurocommissaris voor Binnenlandse Zaken i

Parlementaire Commissie Europees Parlement i

Parlementaire commissie Burgerlijke vrijheden, Justitie en Binnenlandse Zaken i (LIBE)

Nederlands lid Europees Parlement

Lid/leden


Plaatsvervanger(s)

Raad van de Europese Unie/Raad van Ministers i

Raad Justitie en Binnenlandse Zaken i (JBZ)

Nederlandse afvaardiging Raad van Ministers

Minister van Justitie en Veiligheid, Ferdinand Grapperhaus i (CDA)

Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Kajsa Ollongren i (D66)

Invloed nationale parlementen

Nationale parlementen van de lidstaten kunnen binnen acht weken nadat de Europese Commissie een voorstel heeft bekendgemaakt, laten weten dat de Europese Unie zich niet met het onderwerp zou moeten bezighouden i.

Vanuit het Nederlandse parlement zijn bij dit beleidsterrein betrokken:

 

Nederlands orgaan

Verantwoordelijke

Tweede Kamer

Vaste commissie voor Veiligheid en Justitie (V&J) i

 

Vaste commissie voor Defensie (DEF) i

Eerste Kamer

Eerste Kamercommissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking (BDO) i

 

Eerste Kamercommissie voor Veiligheid en Justitie (V&J) i

Betrokken bij uitvoering

 

Betrokken instantie

EU/internationaal

Verantwoordelijke

Directoraat-Generaal

Directoraat-generaal Migratie en Binnenlandse Zaken (DG HOME) i

Agentschap

Eurojust i

Agentschap

Europol i

4.

Juridisch kader

Terrorismebestrijding vindt haar basis in het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VwEU) i als onderdeel van justitiële samenwerking. Terrorisme is daar gedefinieerd als een vorm van georganiseerde misdaad.

  • Terrorismebestrijding als element van het buitenlands beleid: VEU titel V (artikelen 21 t/m 46, met name art 43)
  • Financiële maatregelen: derde deel VwEU titel V hoofdstuk 1 art. 75 i
  • Strafrecht: derde deel VwEU titel V hoofdstuk 4 art. 83 i
  • Europol: derde deel VwEU titel V hoofdstuk 5 art. 88 i
  • Solidariteit bij aanslagen: vijfde deel VwEU titel VII (art. 222)

5.

Meer informatie

Europese Unie

Algemeen overzicht EU

Factsheet Europees Parlement

Wetgevingsoverzicht

Statistieken Eurostat

voormalige EP-leden >