Artikelen bij COM(2024)100 - Wijziging van Verordeningen (EU) 2021/522, (EU) 2021/1057, (EU) 2021/1060, (EU) 2021/1139, (EU) 2021/1229, en (EU) 2021/1755 wat betreft de bedragen voor bepaalde programma’s en fondsen

Dit is een beperkte versie

U kijkt naar een beperkte versie van dit dossier in de EU Monitor.



Artikel 1

In artikel 5 van Verordening (EU) 2021/522 wordt lid 2 vervangen door:

2. Als gevolg van de programmaspecifieke aanpassing als voorzien in artikel 5 van Verordening (EU, Euratom) 2020/2093 van de Raad (*) wordt het in lid 1 van dit artikel bedoelde bedrag verhoogd met een aanvullende toewijzing van 2 055 000 000 EUR in prijzen van 2018 zoals vermeld in bijlage II bij die verordening.

* Verordening (EU, Euratom) 2020/2093 van de Raad van 17 december 2020 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2021-2027 (PB L 433I van 22.12.2020, blz. 11, ELI: http://data.europa.eu/eli/reg/2020/2093/oj).”.


Artikel 2

In artikel 5 van Verordening (EU) 2021/1057 wordt lid 2 vervangen door:

2. Het deel van de financiële middelen voor de uitvoering van het ESF+-onderdeel in gedeeld beheer in het kader van de doelstelling “investeren in werkgelegenheid en groei” als bedoeld in artikel 5, lid 2, punt a), van Verordening (EU) 2021/1060 bedraagt 87 319 331 844 EUR in prijzen van 2018, waarvan 119 526 004 EUR in prijzen van 2018 wordt toegewezen voor de in artikel 25, punt i), van onderhavige verordening bedoelde transnationale samenwerking ter versnelling van de overdracht en ter facilitering van de schaalvergroting van innovatieve oplossingen en 472 980 447 EUR in prijzen van 2018 als aanvullende financiering voor de in artikel 349 VWEU bedoelde ultraperifere gebieden en de regio’s van NUTS-niveau 2 die voldoen aan de criteria van artikel 2 van het aan de Akte van Toetreding van 1994 gehechte Protocol nr. 6 betreffende bijzondere bepalingen voor doelstelling nr. 6 in het kader van de structuurfondsen in Finland, Noorwegen en Zweden.”.


Artikel 3

Verordening (EU) 2021/1060 wordt als volgt gewijzigd:

1) In artikel 109 wordt lid 3 vervangen door:


3. Van de in lid 1, eerste en tweede alinea, van dit artikel bedoelde middelen wordt, na aftrek van de steun aan de in artikel 110, lid 3, bedoelde Connecting Europe Facility, ten hoogste 0,35 % toegewezen aan technische bijstand op initiatief van de Commissie.”.


2) Artikel 110 wordt als volgt gewijzigd:

a) in lid 1 wordt punt f) vervangen door:


“f) 0,1 % (d.w.z. 435 979 855 EUR in prijzen van 2018) voor interregionale innovatie-investeringen;”;


b) de leden 4 en 5 worden vervangen door:


4. 353 070 314 EUR in prijzen van 2018 van de middelen voor de doelstelling 'investeren in werkgelegenheid en groei' wordt toegewezen aan het Stedelijk Europa-initiatief in direct of indirect beheer door de Commissie.


5. 119 526 004 EUR in prijzen van 2018 van de middelen uit het ESF+ voor de doelstelling 'investeren in werkgelegenheid en groei' wordt toegewezen aan transnationale samenwerking ter ondersteuning van innovatieve oplossingen, in direct of indirect beheer.”.


Artikel 4

In artikel 7 van Verordening (EU) 2021/1139 wordt lid 1 vervangen door:

1. De direct en indirect beheerde financiële middelen, bedoeld in titel III, bedragen 692 000 000 EUR in lopende prijzen.”.


Artikel 5

In artikel 5, lid 1, van Verordening (EU) 2021/1229 wordt punt a) vervangen door:

a) middelen uit de begroting van de Unie ten bedrage van 100 000 000 EUR in lopende prijzen, en”.


Artikel 6

Artikel 4 van Verordening (EU) 2021/1755 wordt als volgt gewijzigd:

1) Lid 2 wordt vervangen door:

“2. De maximale middelen voor de reserve bedragen 4 886 170 910 EUR in lopende prijzen.”.


2) In lid 3 wordt punt b) vervangen door:

b) alle resterende voorlopig toegewezen bedragen worden overeenkomstig artikel 12 in 2025 beschikbaar gesteld.”.


Artikel 7

Deze verordening treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.