Brief van de minister van Buitenlandse Zaken inzake kabinetsappreciatie Commissiewerkprogramma 2020 - Staat van de Europese Unie 2020

Deze brief is onder nr. A toegevoegd aan dossier 35403 - Staat van de Europese Unie 2020.

1.

Kerngegevens

Officiële titel Staat van de Europese Unie 2020; Brief van de minister van Buitenlandse Zaken inzake kabinetsappreciatie Commissiewerkprogramma 2020
Document­datum 26-02-2020
Publicatie­datum 26-02-2020
Nummer KST35403A
Kenmerk 35403, nr. A
Externe link origineel bericht
Originele document in PDF

2.

Tekst

Eerste Kamer der Staten-Generaal

2020

Vergaderjaar 2019-

35 403

Staat van de Europese Unie 2020

BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 21 februari 2020

Met verwijzing naar de brief van de Tweede Kamer van 19 december 2019 (kenmerk 19-EU-B057) doe ik u bijgaand de kabinetsappreciatie toekomen van het Commissiewerkprogramma 2020.

Op 29 januari 2020 heeft de Europese Commissie haar werkprogramma voor 20201 gepubliceerd (zie bijlage 1). In dit werkprogramma - het eerste van de Commissie Von der Leyen - kondigt de Commissie 43 nieuwe initiatieven aan, ingedeeld langs haar zes kernprioriteiten (zie bijlage 22: Bijlage I). De Commissie stelt voor om 32 nog niet goedgekeurde voorstellen en wetgevingsvoorstellen in te trekken (zie bijlage 2: Bijlage IV). Zoals gebruikelijk zullen uw Kamer en de Tweede Kamer op basis van deze kabinetsappreciatie van de voornemens van de Europese Commissie hun eigen Europese prioriteiten bepalen. De prioriteiten zijn richtinggevend voor het verkeer tussen het kabinet en parlement over de Nederlandse inbreng in EU-besluitvorming.

Na een algemene inleiding, geeft deze appreciatie korte beschrijvingen van de plannen die de Commissie in de tekst benoemt. Een uitgebreidere analyse van de visie van de Commissie op de uitdagingen waar Europa voor staat en die tevens ten grondslag ligt aan de onderhavige initiatieven en voorstellen, zal uw Kamer in de Staat van de Unie 2020 later dit voorjaar toekomen.

  • 1. 
    «Een Unie die de lat hoger legt»

In de inleiding schrijft de Commissie dat zij met dit werkprogramma wil toewerken naar een eerlijk, klimaatneutraal en digitaal Europa, waarbij zij wil zorgen dat de dubbele transitie, zowel ecologisch als digitaal, voor iedereen werkt. Het werkprogramma volgt de zes kernprioriteiten die de Commissie Von der Leyen bij haar aantreden heeft geformuleerd. Het

1    Ter inzage gelegd op de afdeling Inhoudelijke ondersteuning onder griffie nr. 166357.

2    Ter inzage gelegd op de afdeling Inhoudelijke ondersteuning onder griffie nr. 166357.

kst-35403-A ISSN 0921 - 7371 's-Gravenhage 2020

weerspiegelt voorts de prioriteiten zoals neergelegd in de strategische agenda van de Europese Raad voor 2019-2024.

De Commissie begint haar termijn met een ambitieus werkprogramma. Zij ziet een behoefte aan een sterke en verenigde Europese Unie, die haar diplomatieke, economische en politieke gewicht gebruikt om in de veranderende wereldorde effectief op te treden. Als «geopolitieke Commissie» zal zij in haar acties en initiatieven extra aandacht besteden aan extern optreden.

De Commissie kijkt ook naar de context van dit werkprogramma. Zo acht zij het van belang voor 1 januari 2021 een flexibele langetermijnbegroting (meerjarig financieel kader) overeen te komen, een nieuw partnerschap met het Verenigd Koninkrijk te onderhandelen en de Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling van de Verenigde Naties centraal te stellen in haar beleidsvorming. De Commissie Von der Leyen benadrukt dat zij de invloed van de burger in de Europese Unie wil waarborgen; daarom wil zij de relatie met het Europees Parlement versterken. De Commissie zal het Europees Parlement frequenter informeren en zij steunt een initiatiefrecht voor het Europees Parlement.

Zoals eerder opgemerkt zijn de initiatieven en wetgevingsvoorstellen van de Commissie gegroepeerd rond de volgende zes kernprioriteiten:

  • 1. 
    Een Europese «Green Deal»;
  • 2. 
    Een Europa dat klaar is voor het digitale tijdperk;
  • 3. 
    Een economie die werkt voor de mensen;
  • 4. 
    Een sterker Europa in de wereld;
  • 5. 
    Bevordering van onze Europese levenswijze;
  • 6. 
    Een nieuwe impuls voor Europese democratie.
  • 2. 
    Beantwoorden van de prioriteiten

2.1 Europese «Green Deal»

De «Green Deal» is het antwoord van de Commissie op klimaatverandering en de achteruitgang van natuur en biodiversiteit. Met de Green Deal zet zij in op een groeistrategie die de EU moet omvormen in een klimaatneutrale, circulaire en grondstofefficiënte unie, terwijl Europa concurrerend blijft. Het kabinet ziet de omschakeling naar een duurzame economie als een kans. Het kabinet steunt de hoge ambities van de Commissie en acht het belangrijk dat die in proportionele, uitvoerbare en kosteneffectieve wetgeving en beleidsmaatregelen worden omgezet. Het kabinet ziet de omschakeling naar een duurzame groei van de economie als een kans om het concurrentievermogen van de EU te versterken en een gelijkspeelveld in Europa te creëren. Daarnaast moet bij de uitwerking zorgvuldig worden gekeken naar de brede maatschappelijke gevolgen.

De Commissie zal een Europese klimaatwet presenteren die het doel van klimaatneutraliteit in 2050 vastlegt. Het kabinet verwelkomt de klimaatwet. Het ziet graag dat naast het 2050-doel ook het 2030-doel wordt opgenomen. Daarnaast zal de Commissie een voorstel doen om het huidige 2030-broeikasreductiedoel te verhogen. Het kabinet pleit voor een tijdige en grondige effectbeoordeling die inzichtelijk maakt wat de gevolgen zijn van de ophoging van het 2030-reductiedoel. Het kabinet steunt een ophoging naar 55 procent en wil idealiter voorafgaand aan de COP26 in Glasgow (eind 2020) overeenstemming bereiken zodat de EU een ambitieuzere nationally determined contribution kan indienen bij de VN. In de context van het EU emissiehandelssysteem zal de Commissie de richtsnoeren voor staatssteun herzien om het risico op koolstoflekkage te minimaliseren.

De Commissie kondigt strategieën aan voor slimme sectorintegratie en voor een renovatiegolf voor gebouwen. Slimme sectorintegratie draagt bij aan de integrale en sector overstijgende aanpak van de energietransitie. Het kabinet wil dat schone waterstof in de strategie voor slimme sectorintegratie wordt gestimuleerd. De strategie voor de renovatiegolf kan bijdragen aan een snellere verduurzaming van bestaande gebouwen. Het kabinet zet in op innovatie, opschaling en ondersteuning vanuit bestaande Europese fondsen. Het kabinet verwelkomt het voorstel voor windenergie op zee.

De Commissie kondigt een strategie aan voor duurzame en slimme mobiliteit en wil toewerken naar nul-emissiemobiliteit vanaf 2025. Het kabinet kijkt hiernaar uit en streeft naar samenhang met de onderhandelingen over het eerste mobiliteitspakket. De Commissie is ook van plan met een voorstel voor duurzame luchtvaartbrandstoffen te komen. Het kabinet wil dat de Commissie inzet op een bijmengverplichting van duurzame luchtvaartbrandstoffen. Een Europese bijmengverplichting heeft de voorkeur boven een nationale verplichting vanwege het gelijke speelveld, het CO2-reductiepotentieel en het internationale karakter van de luchtvaartsector. Daarnaast komt de Commissie met een voorstel om de verordening inzake de trans-Europese Energienetwerken (TEN-E) te herzien. Het kabinet ondersteunt dit voornemen om de uitrol van grensoverschrijdende en regionale infrastructuur voor hernieuwbare energie, schone waterstof en de afvang en opslag van CO2 te bevorderen.

De Commissie komt met een actieplan «Circulaire Economie», met naar verwachting als doel een volledig circulair Europa in 2050. Het kabinet meent dat dit plan moet worden gekoppeld aan de industriestrategie, zodat deze elkaar aanvullen. Dit plan hanteert een aanpak met een duurzaam productbeleid en een focus op prioritaire grondstofintensieve sectoren.

Het kabinet is voorstander van de integrale aanpak van klimaat, milieu, volksgezondheid en biodiversiteit in de landbouw en visserij. Het kabinet verwelkomt daarom de «van boer tot bord»-strategie en de biodiversiteits-strategie voor 2030. De «van boer tot bord»-strategie streeft naar een gezonder voedselaanbod en naar meer consumenteninformatie over herkomst, voedingswaarden en ecologische voetafdruk. Dit helpt de consument om gezonde en duurzame keuzes te maken. Het versterken van het systeem van voedselveiligheid en de aanpak van voedselfraude acht het kabinet een belangrijk onderdeel. Ook verwelkomt het kabinet de initiatieven onder het «Regulatory Fitness and Performance» programma van de Commissie (REFIT), zoals de evaluatie van de Europese strategie voor dierwelzijn en de richtlijn duurzaam gebruik van gewasbeschermingsmiddelen.

Voor de Green Deal is financiering nodig. Het Europese Green Deal investeringsplan (EGDIP), beoogt ten minste 1000 miljard euro aan investeringen te mobiliseren in de periode 2021-2030. De Commissie erkent dat de transitie naar een klimaatneutrale en duurzame Unie ook eerlijk moet verlopen. Middels het Just Transition Mechanism en het daarbij behorende Just Transition Fund wil de Commissie extra financiële steun bieden aan regio's en sectoren die het hardst worden geraakt. Een hernieuwde strategie voor duurzame financiering moet ervoor zorgen dat meer privaat kapitaal naar duurzame investeringen gaat. Het kabinet erkent dat de overgang naar een klimaatneutrale en duurzame Unie veel private investeringen vereist, waarbij publieke middelen als aanjager fungeren.

Tot slot wil de Commissie dit jaar beginnen met het Europese Klimaatpact om alle belanghebbenden bij de transitie te betrekken. Het kabinet vindt dit positief en ziet overeenkomsten met het Nationale Klimaatakkoord en het Klimaatpact.

2.2    Een Europa dat klaar is voor het digitale tijdperk

De Commissie zal een mededeling met de algemene digitale strategie, een witboek over kunstmatige intelligentie en een datastrategie publiceren. De digitale strategie geeft meer informatie over de reikwijdte van de digital services act. Dit is de herziening van de richtlijn elektronische handel en vormt het juridische kader voor diensten van de informatiemaatschappij binnen de EU. Het kabinet kijkt uit naar het witboek over kunstmatige intelligentie. Het kabinet is voorstander van de mensgerichte aanpak van de Commissie waarbij aandacht is voor waarborgen voor menselijke controle, kwaliteit en transparantie bij de ontwikkeling van beleid en wetgeving voor kunstmatige intelligentie. Het kabinet wil net als de Commissie de herziening van de e-privacy-verordening i als prioritair dossier behandelen.

Het kabinet steunt de initiatieven van de Commissie om de financiële sector weerbaarder te maken tegen cyberrisico's en om een regelgevend kader voor crypto's (inclusief zogenaamde stablecoins) voor te stellen.1 De Commissie kondigt ook een herziening van de Netwerk- en Informatiebeveiliging Richtlijn aan. Het doel hiervan is een vergrote digitale weerbaarheid en verkleinde gevolgen van cyberincidenten middels meldcentra in lidstaten en afstemming tussen nationale systemen. Ook komt er een nieuwe strategie voor een veilige Unie waarin het belang van cybersecurity en het versterken van kritieke infrastructuren opgenomen wordt.

In het werkprogramma wijst de Commissie op de noodzaak te investeren in digitale vaardigheden om zo een antwoord te geven op de veranderende behoeftes op de arbeidsmarkt. Het kabinet deelt deze analyse en verwelkomt de Europese initiatieven op dit vlak. Een mededeling over de toekomst van onderzoek en innovatie en de Europese Onderzoeksruimte (ERA) zal verdere invulling geven aan de realisatie van de ERA en zal in het bijzonder ingaan op het bundelen van onderzoekscapaciteiten en het verdiepen van onderzoeks-, innovatie en kenniscapaciteit. Het kabinet verwelkomt dit voornemen.

2.3    Een economie die werkt voor de mensen

Het kabinet verwelkomt de plannen van de Commissie om het concurrentievermogen te versterken. Het steunt de integrale aanpak van de Commissie door industrie en interne markt als één pakket te presenteren en de definitie van het MKB te herzien. Het kabinet steunt de inzet van de Commissie in de nieuwe strategie voor industriebeleid ten aanzien van de overgang naar verduurzaming en digitalisering, waarbij eerlijke concurrentie voorop staat. Het voornemen van de Commissie om een rapport over belemmeringen op de interne markt en het actieplan handhaving te presenteren, sluit aan bij de door het kabinet bepleite aanpak van de interne markt. Passend bij deze aanpak ziet het kabinet liever dat de Commissie het voortzetten van de notificatierichtlijn prioriteert en niet de e-card voorstellen die in de periode van de vorige Commissie niet gesteund werden door Raad, Europees Parlement en belanghebbenden. Het kabinet verwelkomt een witboek over een instrument tegen buiten-landse subsidies om marktverstoringen op de interne markt door staatssteun of staatscontrole te adresseren.

De Commissie heeft een mededeling uitgebracht over de sociale dimensie van de verschillende transities waar Europa voor staat. De Commissie kondigt daarin een aantal initiatieven aan die zij op een later moment zal presenteren, zoals een raamwerk voor Europese minimumlonen, een nieuwe gendergelijkheidsstrategie, de versterking van de positie van platformwerkers, een Europese kindergarantie die ervoor zorgt dat kinderen toegang hebben tot basisvoorzieningen, de versterking van de jongerengarantie2, een actieplan integratie en inclusie en een rapport over demografische ontwikkelingen. Het kabinet zal de voorstellen op sociaal terrein op hun merites beoordelen, waarbij het kader met horizontale uitgangspunten zoals beschreven in de brief van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zal worden gebruikt3.

De Commissie stelt tevens met een voorstel te komen voor een Europese werkloosheidsherverzekering. Er ligt thans nog geen voorstel en is dus geen helderheid over de uitwerking. Wanneer een voorstel verschijnt, beoordeelt het kabinet het op zijn merites en informeert uw Kamer op reguliere wijze. Het kabinet is geen voorstander van een stabilisatiemechanisme (fiscal capacity) op EMU-niveau om de gevolgen van economische schokken op te vangen.

De Commissie heeft een evaluatie van het stabiliteits- en groeipact (SGP) gepubliceerd. Zij wil nu consultaties opzetten met de lidstaten en belanghebbenden over de toekomst van het SGP. Het kabinet is van mening dat houdbare overheidsfinanciën het hoofddoel van het SGP moeten blijven en dat de handhaving van de regels verbetering behoeft.

Het kabinet ondersteunt de plannen van de Commissie voor het actieplan kapitaalmarktunie. Een sterke Europese kapitaalmarktunie draagt bij aan economische groei doordat vraag en aanbod van kapitaal elkaar beter weten te vinden. Daarnaast dragen grensoverschrijdende investeringen bij aan risicospreiding, waardoor financiële schokken beter kunnen worden opgevangen.

Het kabinet steunt de opvolging van het anti-witwaspakket. Het is voorstander van direct, onafhankelijk Europees anti-witwastoezicht en van verdere harmonisatie van de Europese anti-witwasregelgeving.

De Commissie komt met twee nieuwe douane-initiatieven, waaronder een actieplan voor de douane-unie dat zich richt op beter bestuur en grensbewaking. Het kabinet heeft een constructieve grondhouding tegenover dit actieplan.

2.4 Een sterker Europa in de wereld

De Commissie presenteert zichzelf in dit werkprogramma als een geopolitieke Commissie. Dit komt overeen met de inzet van het kabinet dat de EU in deze multipolaire wereld een actievere rol speelt om Europese belangen alsmede normen en waarden zoals rechtsstaat, democratie en vrijheid, te beschermen; zowel bilateraal als multilateraal.

Een meer coherente en geïntegreerde inzet van instrumenten is nodig om de EU als een geopolitieke speler neer te zetten. Het kabinet kijkt dan ook uit naar de voorstellen en initiatieven van de Commissie.

Het kabinet staat positief tegenover een nieuwe strategie van de Commissie voor Afrika met daarin aandacht voor de economische betrekkingen en werkgelegenheid op beide continenten. Daarnaast wil de Commissie de onderhandelingen over een nieuwe partnerschapsovereen-komst tussen de EU en de landen in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan (Post-Cotonou) dit jaar afronden.

Zoals verwacht, wil de Commissie dat de Raad snel besluit tot de start van de toetredingsonderhandelingen met Noord-Macedonië en Albanië. Daarnaast onderstreept de Commissie de noodzaak om de uitbreidings-methodologie te verbeteren. Hierover is een mededeling van de Commissie verschenen waarin het belang van de rechtsstaat en toepassing van strikte conditionaliteit in het uitbreidingsproces benadrukt wordt. De Kabinetsappreciatie van deze mededeling ging uw Kamer reeds toe4. De kabinetsappreciatie van de voortgangsrapportage zal u wanneer deze verschijnt eveneens toegaan.

Het kabinet acht het opportuun dat de Commissie nieuwe beleidsdoelen voor de landen van het Oostelijk Partnerschap wil presenteren, omdat het huidige kader eind dit jaar afloopt. Het kabinet hecht aan rechtsstaatont-wikkeling als basis voor ontwikkeling op andere terreinen.

Op het gebied van handel wil de Commissie het initiatief nemen tot een voorstel voor WTO-hervorming. Het kabinet steunt de leiderschapsrol van de EU in de WTO en zal er bij de Commissie op aandringen dat een nieuwe onderhandelingsagenda in dienst moet staan van een gelijk speelveld met China, het behalen van de SDG's en de Overeenkomst van Parijs en de inclusiviteit van het multilaterale handelssysteem. Bindende geschillenbeslechting is een voorwaarde voor een effectief functionerend multilateraal handelssysteem. Het kabinet wil dat de Commissie werkt aan een multilaterale oplossing voor de impasse rond het beroepslichaam van de WTO, het Appellate Body. Het is van belang dat de VS aan boord komt van een oplossing.

De Commissie komt met een mededeling over Europa's economische en financiële soevereiniteit. Hiermee kan de basis worden gelegd om de EU weerbaarder te maken tegen de extraterritoriale werking van sancties van derde landen en om de werking van haar eigen sancties te versterken. Het kabinet is voorstander van een effectief EU sanctie-instrumentarium en hecht aan Europa's economische en financiële soevereiniteit.

De Commissie wil nauw met de Raad samenwerken aan een actieplan over mensenrechten en democratie. Ook zal de Commissie met een voorstel komen voor een actieplan over gendergelijkheid en de empowerment van vrouwen in de externe betrekkingen. Het kabinet juicht dit toe. Het kabinet vindt het belangrijk dat EU zich inzet voor duurzame waardeketens, die zich uitstrekken tot buiten de Unie. Duurzaamheid gaat daarbij over meer dan klimaat en milieu: mensenrechten zijn er onlosmakelijk mee verbonden. Deze elementen moeten in samenhang worden geadresseerd.

2.5    Bevordering van onze Europese levenswijze

Op het terrein van gezondheid lanceert de Commissie een farmaceutische strategie voor Europa en een actieplan tegen kanker. De farmaceutische strategie beoogt de kwaliteit, veiligheid, beschikbaarheid en betaalbaarheid van geneesmiddelen te waarborgen met aandacht voor een concurrerende farmaceutische sector. Deze plannen sluiten goed aan bij de aanpak van het kabinet. Het kabinet wil dat de farmaceutische strategie en de geneesmiddelenagenda van de lidstaten op elkaar aansluiten en elkaar versterken. Het kabinet ondersteunt de bestrijding van kanker. De geïntegreerde aanpak die de Commissie voorstelt wordt door het kabinet ondersteund.

De Commissie wil zich inspannen om in 2025 een Europese onderwijsruimte te realiseren. Een uitgangspunt hierbij is dat iedereen zich een leven lang kan blijven ontwikkelen. Het kabinet ondersteunt deze integrale benadering en ziet de voorstellen tegemoet voor een nieuw strategisch samenwerkingskader voor onderwijs en opleiding, dat dit jaar afloopt, en een actualisering van de Europese vaardighedenagenda.

Het kabinet kan zich vinden in de plannen van de Commissie voor interne veiligheid en samenwerking bij cybersecurity, hybride dreigingen en de bescherming van vitale infrastructuur. De mededeling over een veilig-heidsuniestrategie zal naar verwachting een invulling geven van de aanpak van veiligheidsrisico's in de EU. Het kabinet benut de strategie graag voor concrete maatregelen ter bevordering van de interne veiligheid gebaseerd op de praktische behoeften. Het kabinet is voorstander van een integrale en multidisciplinaire aanpak van interne veiligheid, die ook op Europees niveau georganiseerde ondermijnende criminaliteit aanpakt. Daarnaast verwelkomt het kabinet de strategieën van de Commissie tegen seksueel kindermisbruik en mensenhandel.

Het werkprogramma wijdt een beknopte paragraaf aan asiel en migratie. Centraal daarin staat het nieuwe pact dat de Commissie zal publiceren.

Het kabinet constateert dat de omschrijving van het pact in het werkprogramma goede aanknopingspunten biedt voor de Nederlandse prioriteiten op beide terreinen. Zo spreekt de Commissie van een integrale aanpak langs de hele migratieroute, benadrukt zij de verbinding tussen de interne en externe dimensie van het asiel- en migratiebeleid en legt zij een expliciete link tussen het functioneren van het asielsysteem en het Schengengebied. Hervorming van het gemeenschappelijk Europees asielstelsel maakt onderdeel uit van de integrale aanpak uit het pact.

2.6    Een nieuwe impuls voor Europese democratie

De Commissie kondigt een actieplan voor Europese democratie aan. Het adresseren van desinformatie en steun voor vrije en onafhankelijke media zijn onderdeel zijn van dit plan. Het kabinet ondersteunt coördinatie in Europees en internationaal verband. Desinformatie houdt niet op bij de grenzen. Voor het kabinet staat daarbij voorop dat de vrijheid van meningsuiting en de onafhankelijkheid van de pers zijn gewaarborgd. Ook heeft het kabinet hierbij aandacht voor de verdeling van bevoegdheden.

De Commissie presenteert verder de Conferentie over de Toekomst van de Unie en de nieuwe toetsingscyclus voor de rechtsstaat. Een kabinetsap-preciatie van de mededeling van de Commissie over de Conferentie over de Toekomst van de Unie is u separaat toegegaan5. Het kabinet steunt de verdere uitwerking van de EU-toetsingscyclus voor de rechtsstaat. Het kabinet zet erop in dat bespreking van rechtsstatelijkheid in de Unie, naast die in de Raad Algemene Zaken, ook in de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken plaatsvindt.

Het kabinet betreurt dat de Commissie geen initiatieven voor transparantie aankondigt. Wel stelt ze voor de twee gestrande wetgevingsvoorstellen uit 2008 en 2011 over herziening van de eurowob-verordening in te trekken. Of dit betekent dat de Commissie van plan is een nieuw voorstel te doen is vooralsnog niet bekend.

Gelijkheid is volgens de Commissie een kernwaarde van de Europese Unie en een drijvende kracht voor economische groei en sociaal welzijn. Het kabinet verwelkomt de initiatieven voor gendergelijkheid. Het initiatief gericht voor de positie van LHBTI's sluit goed aan op de eerdere Nederlandse inzet op dit terrein.

Tot slot is het positief dat de positie van slachtoffers van strafbare feiten op de agenda van de EU blijft staan. Dit zal gebeuren in een mededeling over een EU-strategie voor slachtofferrechten. Het kabinet is voorstander van maatregelen die daadwerkelijk steun geven aan slachtoffers in grensoverschrijdende zaken en die het verkrijgen van een schadevergoeding vergemakkelijken.

  • 3. 
    Herziening van de initiatieven uit eerdere mandaten die nog niet zijn overeengekomen met Het Europees Parlement en de Raad

De Commissie heeft alle wetgevingsvoorstellen die nog door het Europees Parlement en de Raad moeten worden goedgekeurd, onderzocht om te beoordelen of deze moeten worden voortgezet of worden ingetrokken. Deze beoordeling heeft geresulteerd in de intrekking van 32 voorstellen (zie bijlage 2: Bijlage IV). Daarnaast overweegt de Commissie twee verdere voorstellen in te trekken (zie bijlage 2: Bijlage V).

  • 4. 
    Betere regelgeving, beleidsvorming, implementatie en handhaving van EU wetgeving

In de geest van de Green Deal besteedt de Commissie bij al haar initiatieven aandacht aan de milieuaspecten. Voor het eerst zal de Commissie een foresight report opstellen, dat trends en ontwikkelingen op lange termijn in kaart brengt.

De Commissie komt met een mededeling over betere regelgeving waarin zij inzet op evaluaties en consultaties en «actieve subsidiariteit». Dit bouwt voort op de aanbevelingen van de Taskforce Subsidiariteit van de Commissie uit 2018. Positief vindt het kabinet ook de continuering van het REFIT-platform en het REFIT-programma, dat regelgeving tegen het licht houdt en regeldruk vermindert. De Commissie geeft het platform een andere naam: fit-for-future platform.

Meest in het oog springend initiatief op het terrein van betere regelgeving is de aankondiging van de invoering van een one-in-one-out-instrument. Het kabinet verwelkomt dit initiatief waarbij het ernaar streeft dat de kwantitatieve aanpak, hand in hand gaat met een kwalitatieve benadering om knelpunten weg te nemen. Het kabinet verwelkomt de aandacht van de Commissie voor implementatie en handhaving.

Toezegging gebruik van impact assessments aan de leden Mulder en Omtzigt

Met betrekking tot nationale impact assessments van nieuwe Commissievoorstellen (toezegging aan de leden Mulder en Omtzigt tijdens het AO belangenbehartiging in de EU van 3 oktober 2019) wijst het kabinet op de systematiek van de BNC-fiches. Hierin wordt ingegaan op de gevolgen en verwachte effecten van nieuwe voorstellen van de Europese Commissie voor Nederland6.

De komende maanden verkent het kabinet ook de mogelijkheden voor verbeterd gebruik van het Integraal afwegingskader voor beleid en regelgeving (het IAK). Daarbij wordt het advies van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling betrokken7. Zij doet in opdracht van het kabinet verder onderzoek naar de vraag in hoeverre het Nederlandse systeem van impact assessments verbeterd en het gebruik bevorderd kan worden. Bij een volgende voortgangsrapportage verwacht het kabinet hier een aanpak voor te kunnen presenteren.

Het kabinet vindt dat impact assessments door de Europese Commissie zelf nog te vaak ontbreken8. Uitgangspunt moet zijn dat voor elk voorstel voor nieuwe regelgeving of aanpassing van bestaande regelgeving, een effectbeoordeling wordt uitgevoerd door de Commissie.

De Minister van Buitenlandse Zaken,

S.A. Blok

Eerste Kamer, vergaderjaar 2019-2020, 35 403, A 9

1

Kamerstukken II, 2018-2019, 32 013, nr. 201.

2

   De jongerengarantie houdt in dat jongeren onder 25 jaar recht hebben op een aanbod voor een baan, een een nieuwe opleiding, een leerlingplaats en/of een stage; binnen vier maanden nadat zij werkloos raken of met school stoppen. Het kabinet heeft de jongerengarantie altijd als inspanningsverplichting voor lidstaten gezien om maatregelen te nemen ter bestrijding van de jeugdwerkloosheid.

3

   Kamerstuk 21 501-31, nr. 507.

4

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2020/02/14/200214-kamerbrief-inzake-kabinetsappreciatie-herziening-uitbreidingsmethodologie.

5

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2020/02/14/kamerbrief-over-kabinetsinzet-voor-de-conferentie-over-de-toekomst-van-europa.

6

   1. juridische: Nederlandse regelgeving; 2. financiële: de Nederlandse overheid, het bedrijfsleven en de burger; en 3. beleidsmatige: de regeldruk en uitvoering en handhaving.

7

   Het OESO advies wordt dit voorjaar aan uw Kamer aangeboden in de voorjaarsrapportage «inzicht en kwaliteit».

8

   Zie BNC-fiche van mei 2019 over de «Mededeling Stand van zaken en toekomst EU Betere Regelgevingsbeleid».


3.

Bijlagen

 
 
 

4.

Meer informatie

 

5.

Parlementaire Monitor

Met de Parlementaire Monitor volgt u alle parlementaire dossiers die voor u van belang zijn en bent u op de hoogte van alles wat er speelt in die dossiers. Helaas kunnen wij geen nieuwe gebruikers aansluiten, deze dienst zal over enige tijd de werkzaamheden staken.